Volwassenen met een depressieve stoornis die in hun kindertijd te maken hebben gehad met een trauma kunnen goed worden behandeld met medicatie en psychotherapie. Deze groep krijgt niet altijd therapie aangeboden omdat uit eerder onderzoek zou blijken dat dit geen effect heeft. Onderzoekers van Amsterdam UMC tonen nu aan dat veel behandelingen voor depressieve stoornissen ook effectief zijn voor patiënten met een jeugdtrauma. De studie is vandaag gepubliceerd in The Lancet Psychiatry.

Jeugdtrauma is een risicofactor voor de ontwikkeling van een depressieve stoornis op volwassen leeftijd. Onder jeugdtrauma verstaan we emotionele en/of lichamelijke verwaarlozing of emotioneel, lichamelijk en/of seksueel misbruik dat heeft plaatsgevonden vóór de patiënt 18 jaar was. Uit eerder onderzoek bleek dat volwassenen en adolescenten met zowel een depressie als een jeugdtrauma ongeveer 1,5 keer meer kans hadden om niet te herstellen. Ook bleek uit deze onderzoeken dat patiënten met een depressie en een jeugdtrauma minder goed reageren op medicatie, psychotherapie of een combinatiebehandeling.

Effectiviteit behandeling

Onderzoekers van Amsterdam UMC hebben in deze overzichtsstudie 6.830 volwassenen patiënten met een depressieve stoornis, afkomstig uit 29 verschillende klinische onderzoeken, ingedeeld in twee groepen: een groep met en een groep zonder jeugdtrauma. De uitkomst van de behandeling van deze twee groepen hebben zij met elkaar vergeleken. Dit is daarmee de grootste studie naar de effectiviteit van depressiebehandelingen bij volwassenen met jeugdtrauma. ‘Ongeveer 46% van de volwassenen met een depressie heeft een voorgeschiedenis van jeugdtrauma. Bij patiënten met een chronische depressie is dit percentage nog hoger. Daarom is het belangrijk om te bepalen of de huidige behandelingen voor depressieve stoornis effectief zijn voor patiënten met jeugdtrauma’, aldus onderzoeker Erika Kuzminskaite.

Veelbelovend

Uit de studie blijkt dat, in tegenstelling tot wat gedacht werd, een depressiebehandeling even effectief is bij patiënten met of zonder jeugdtrauma. Kuzminskaite: ‘De uitkomsten kun je op verschillende manieren interpreteren. Zo hebben patiënten met jeugdtrauma een grotere motivatie voor een behandeling zodat ook beter resultaat kan worden bereikt. Ook zijn deze patiënten vaak ernstiger depressief zodat er meer ruimte voor verbetering is. Desalniettemin is het goed nieuws dat ook deze patiënten goed reageren op een depressiebehandeling.’

Restsymptomen

De onderzoekers pleiten voor het aanbieden van depressiebehandeling aan alle patiënten met een depressieve stoornis, ongeacht of ze een trauma in hun kindertijd hebben meegemaakt of niet. Toch is er nog een uitdaging: depressieve patiënten met een jeugdtrauma houden vaker ‘restsymptomen’ na de behandeling omdat ze al ernstiger klachten hadden voordat ze met behandeling startten De behandeling werkt even goed, maar ze houden meer en ernstiger depressieve klachten. Bij deze patiënten is na behandeling sprake van een hoog risico op terugval. Verder onderzoek is daarom nodig om meer duurzaam herstel voor deze patiënten te bereiken. ‘Een interessante aanpak is dan ook om het jeugdtrauma direct te behandelen,’ aldus psychiater Christiaan Vinkers, een van de onderzoekers. ‘Dat doen we nu in onze RESET-studies. Zo hebben patiënten met jeugdtrauma en depressie wellicht meer kans om volledig te herstellen.’

Fotografie: Adobe Stock