‘Diversity is a fact, inclusion is an act’, luidt de tekst op een button op het revers van Karen Kruijthof. Als lid van de raad van bestuur van Amsterdam UMC heeft ze de portefeuille Diversiteit & Inclusie in beheer. Dat draagt ze met overtuiging en plezier uit: “Verschillen zijn een bron van kracht, omdat je kijkt vanuit meerdere perspectieven. Het maakt dat je je patiënten beter begrijpt en met passende zorg kunt aansluiten bij hun behoeften. Het verbetert niet alleen de zorg maar ook de kwaliteit van je onderwijs, wetenschap en valorisatie. We zijn het aan ons werk verplicht dat het wordt gedaan door een grote variatie aan mensen.”
Nadrukkelijk op beleidsagenda
‘Verschillen maken ons sterker’, luidt dan ook het motto dat is vastgelegd in de meerjarenstrategie 2025-2030 van Amsterdam UMC. Sinds 2020 staan diversiteit en inclusie nadrukkelijk op de beleidsagenda. Met als speerpunten: het optimaliseren van een inclusieve organisatiecultuur, het stimuleren van sociale veiligheid en het vergroten van de representatie van diversiteit.
Nog niet vanzelfsprekend
Dat teams met meer diversiteit beter functioneren, is al lang en breed aangetoond. Kruijthof: “Ik hoef hier niet mijn best te doen om het op de agenda te krijgen. Maar daarmee is het nog niet allemaal vanzelfsprekend. Diversiteit en inclusie zijn veelomvattende thema’s. Etnisch-culturele diversiteit, genderidentiteit, sekse, leeftijd, arbeidsvermogen; het gaat alle kanten op. Hoe geven we daar nou heel concreet handen en voeten aan in al onze werkprocessen?”
“We experimenteren met projecten en interventies, wisselen best practices uit met andere organisaties en kijken wat werkt,” vertelt Kruijthof in Janus, extern magazine van Amsterdam UMC.
Beeld: Amsterdam UMC
Tekst: Marleen Kamminga